Immigratierecht (asiel- en vreemdelingenrecht)

Het asiel- en vreemdelingenrecht staat bekend als een voortdurend politiek ‘hot issue’ en het Ministerie van Justitie / Immigratie- en Naturalisatiedienst verandert dan ook bijna dagelijks de regels voor toelating en terugkeer naar en uit Nederland. Voor veel vreemdelingen en hulpverleners is reeds het aanvragen van een vergunning een dilemma en wordt er rechtshulp aan de advocaat gevraagd. Ons kantoor verleent die rechtshulp bij aanvragen voor advies voor een machtiging tot voorlopig verblijf voor diverse doelen zoals gezinshereniging, arbeid in loondienst, studie etc. Die rechtshulp wordt eveneens verleend bij het indienen van een aanvraag verblijfsvergunning, ook als er geen machtiging tot voorlopig verblijf is afgegeven of in geval de vreemdeling zelfs illegaal in Nederland verblijft. Aan de hand van de situatie zal beoordeeld worden of een keuze moet worden gemaakt in welke aanvraag moet worden ingediend alsmede of tijdelijke terugkeer naar het land van herkomst of een ander land nodig is.

Na beslissingen van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) zal heel snel, bijna altijd binnen 4 weken maar soms zelfs binnen 24 uur ! of 14 dagen een procedure gestart moeten worden. Dit kan gebeuren met een zienswijze, een bezwaarschrift, een beroepschrift bij de rechtbank en vaak ook een verzoekschrift voorlopige voorziening tegen de dreigende uitzetting. Soms ook moet er geprocedeerd worden tegen een andere handeling van de IND of de vreemdelingenpolitie, er is dus niet altijd een duidelijk besluit aanwezig, ook zonder een besluit kan er geprocedeerd worden indien de vreemdeling daarbij belang heeft. Te denken valt aan de zogenaamde verblijfsaantekening in een paspoort die niet correct is en waarbij direct een andere aantekening dient te volgen.

Regelmatig moet er voor Turkse onderdanen geprocedeerd worden omdat de IND lang niet altijd zorgvuldig stil staat bij de verblijfsrechten die Turkse onderdanen kunnen hebben opgebouwd omdat zij soms na 1 jaar bij één werkgever te hebben gewerkt al aanspraak kunnen maken op voortgezet verblijf. Het betreft hier een lastig onderdeel van het Europees Recht, namelijk de zogenaamde Associatieovereenkomst tussen de EG/Turkije en het daaruit voortvloeiend Besluit 1/80 dat deze verblijfsrechten vastlegt. Ook voor EU onderdanen geldt dat de IND lang niet altijd de juiste beslissingen neemt en de Europese Richtlijnen of Verordeningen onvoldoende aandacht geeft. Vooral voor gezinsleden van EU onderdanen die uit derde landen van buiten de EU komen gelden nogal andere regels indien de partner EU burger is en verblijfsrechten heeft in een ander EU land.

Bij mogelijke uitzetting en bij illegaal verblijf komt regelmatig vreemdelingenbewaring voor. Indien er voldoende zicht op uitzetting bestaat is die inbewaringstelling toegestaan. Dat is echter regelmatig niet het geval. De IND en de Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V) van het Ministerie van Justitie dienen in het onderzoek naar uitzetting de nodige voortvarendheid te betrachten teneinde de periode van bewaring zo kort mogelijk te laten duren. Ons kantoor verleent ook in dergelijke procedures voor opheffing van de vreemdelingenbewaring rechtshulp en vordert en incasseert voor de vreemdeling de door de rechter uit te spreken schadevergoeding voor het geval de bewaring onrechtmatig is.

De aan kantoor werkzame advocaten in het immigratierecht zijn lid van werkgroepen rechtshulp aan vreemdelingen en asielzoekers en zijn daarbij voorzien van de nodige feed back in literatuur en rechtspraak.

Naast het Immigratierecht spelen na toelating ook regelmatig procedures inzake de afwijzing van naturalisatieverzoeken.

Vreemdelingen komen ook met het strafrecht in aanraking en derhalve is het belangrijk dat de vreemdeling met een advocaat te maken kan krijgen die zowel op het immigratierecht als het strafrecht voldoende kennis heeft. Het komt steeds meer voor dat vreemdelingen te maken krijgen met straffen, niet alleen door de politierechter of rechtbank, ook door de Officier van Justitie. Het is vaak van groot belang te laten nagaan of een straf of voorstel tot strafafdoening geen risico inhoudt voor de verblijfsvergunning of nog erger, een voorstel tot ongewenstverklaring. De ongewenst verklaarde vreemdeling is immers meteen zijn verblijfsrecht kwijt en zal sowieso daarover eerst moeten procederen.

Ons kantoor staat ook asielzoekers bij, dit gebeurt in de zogenaamde aanmeldcentra tijdens spreekuren maar ook op verzoek van de individuele asielzoeker. Die bijstand omvat niet alleen het indienen van een zienswijze tegen een voornemen van de IND de verblijfsvergunning te weigeren of in te trekken, ook voorbereiding en nabespreking van gehoren bij de IND maken daarvan deel uit. Na een besluit of beschikking van de IND volgt met regelmaat een beroepsprocedure bij de rechtbank en soms bij de Raad van State.

Het visum

Vreemdelingen die voor een kort verblijf (maximaal 3 maanden) naar Nederland willen reizen hebben, afhankelijk van hun nationaliteit, een visum nodig. Een visum is één van de voorwaarden voor het verkrijgen van toegang tot Nederland en de andere Schengenlanden. De Nederlandse overheid toetst of u in aanmerking komt voor een visum kort verblijf. De toegangsvoorwaarden zijn terug te vinden in de Europese Visumcode en het daarbij behorende Praktisch Handboek, de Schengengrenscode en in de Nederlandse Vreemdelingenwet en Vreemdelingencirculaire.

Een visum wordt afgegeven door het plaatsen van een sticker in uw reisdocument (bijvoorbeeld een paspoort). Een visum geeft aan dat er op het moment van afgifte geen bezwaar bestaat tegen uw binnenkomst voor een kort verblijf, echter is het bezit van een visum geen garantie dat u daadwerkelijk tot Nederland wordt toegelaten. Op Schiphol bijvoorbeeld kan ook controle plaatsvinden op uw reisdoel en uw financiële middelen. Neem altijd de benodigde informatie en documenten mee op uw reis naar Nederland. Dit kunnen bijvoorbeeld zijn een kopie van het (gelegaliseerde) bewijs van particuliere logiesverstrekking en, indien van toepassing, een kopie van de garantverklaring van uw referent of garantsteller. Een visum kort verblijf moet door de aanvrager in het buitenland worden aangevraagd bij de Nederlandse ambassade of het consulaat. Soms geeft een ander Consulaat namens Nederland het visum af.

Wat als de visumaanvraag wordt afgewezen?

Als uw aanvraag wordt afgewezen door de Nederlandse overheid (Visadienst), kan er bezwaar worden gemaakt bij de Visadienst door een bezwaarschrift in te dienen. De Vreemdelingenwet en de Algemene Wet Bestuursrecht kent een aantal rechtsmiddelen die benut kunnen worden als u het niet eens bent met een zo’n beslissing. Waar u in het bijzonder op moet letten zijn de termijnen, waarbinnen u uw bezwaar of beroep moet indienen. In de regel moet een gemotiveerd bezwaar- of beroepschrift schriftelijk worden ingediend binnen vier weken na de dag waarop de beschikking bekend is gemaakt. Om bezwaar of beroep aan te tekenen is het raadzaam om juridisch advies in te winnen. Bij zeer spoedeisende gevallen kan zelfs de rechter gevraagd worden een spoedvoorziening te treffen, de Visadienst kan dan gedwongen worden met spoed alsnog een visum te verstrekken.